INTERVIEW
Het is vele gegeven mooi te verhalen over de geschiedenis, om met bronnen en werken terug te kijken naar wat ooit geweest is. Hoewel onze redactie nooit schuw is om zelf de geschiedenis in te duiken, en zovelen met ons, is het slechts weinigen gegeven om zelf met de geschiedenis in dialoog te treden. Hoe gezegend zijn wij, het oudste nog bestaande studentenblad van de Lage Landen, dat wij de kans kregen om in de aanwezigheid te zijn van één van de meest legendarische figuren uit de Leuvense studentengeschiedenis? Waarde lezer, met gepaste trots stel ik u een artikel voor waarin ik, de hoofdredacteur, u zal meenemen doorheen de klare herinneringen van pro-senior Jos Mees in wiens woorden alle pieken, dalen en legendarische gebeurtenissen van het Leuvense studentenleven weerklinken.
Non est mutatio rerum
Vandaag woont de 96-jarige Jos Mees, samen met zijn vrouw, in het huis van zijn vader, dokter Walter Mees. Zijn vader werd ook wel de “dokter der armen” genoemd, omdat hij elke dokterswedde weigerde indien het gezin dat hij verzorgde in armoede verkeerde. Voor mij is dit het summum van naastenliefde en een voorbeeld voor elke student die zijn dromen wil bereiken, doch streeft naar rechtvaardigheid. Deze eigenschap, het summum van naastenliefde, leeft volledig voort in zijn zoon, Jos, en zijn nageslacht die ze onderling “het Mezennestje” noemen. In de inkomhal van dit grote huis werden pro-senior Jef Dauwe, onze Leuven-Vlaams praeses die ook aanwezig was tijdens het bezoek, en ikzelf verwelkomd door een fiere man die vanboven aan de trap met ons het Io Vivat zong. Een student als ikzelf krijgt kippenvel wanneer hij samen met deze twee legendes het lied mag zingen dat al zovele jaren zovele studenten verbindt.
Na de nodige kennismaking, leidde Jos ons verder zijn huis in. Hier stond een vleugelpiano op ons te wachten, waar Jos nog steeds elke dag op speelt en ook ons voorzag van een tentoonstelling van zijn muzikale kunsten. Vervolgens bracht hij ons naar een lange tafel, waarop een arsenaal aan studentikoze schatten, petten en linten lag tentoon gesteld. Tussen de schatten en rode wijnglazen voor zijn gasten stond het kroonjuweel van zijn collectie: Een traditionele studentencodex met lederen kaft, volgeschreven door al zijn kompanen en alle mensen aan wie hij zoveel vreugde gaf en nog steeds geeft. Met deze codex in de hand en een grote groene kaft, boven dewelke ik dit artikel nu schrijf, in zijn schoot, begon Jos aan zijn levensverhaal.
“Een beetje echte vriendschap van mens tot mens is dikwijls beter dan alle grootsopgevatte Liefde voor de Mensheid.”
-Jos Mees
O tempora, o mores!
In een tijd waar studententradities alsmaar vaker verloederen in betekenisloze zuippartijen, waar egocentrisme het kameraadschap uit de weg wil ruimen en legendes plaats maken voor tragedies, verhaalde Jos over hoe het studentenleven eruit zag in zijn tijd. Sterk genoeg, hoewel ik altijd opkeek naar de in kostuum geklede heren van fatsoen, vertelde Jos over een soortgelijke verzameling van betekenisloze zuippartijen en vijandigheid die dreigden het Leuvense studentenleven te breken. Bij uitzondering van twee of drie clubs, keek Jos in zijn studententijd met lede ogen naar de ingesteldheid van de rest van het Seniorenkonvent die de belofte van “stijlvolle studentikoziteit” volgens Mon de Goeyse overboord hadden gegooid. Jos zou naar eigen zeggen het Mon de Goeyse verweten hebben van het stellen van loze beloftes en hem erop attent hebben gemaakt dat zijn clubcodex niet werd nageleefd. Mon de Goeyse was uiteraard toen, en nu nog steeds, een gerespecteerd figuur in het Leuvense studentenleven. Maar die jonge student die wees op de gebreken van het toenmalige S.K. zou zelf een legende worden. Jos werd eerst Senior seniorum van 1955 tot 1957 en daarna Verbondspraeses in het academiejaar ’57-’58. De man naast mij, Roger van Praet, die Jos hielp met het schrijven van het boek rond zijn vader Walter, vertelde mij dat Jos zelf nooit dronken was en zich enkel toelegde op het drinken van melk. Wie weet, misschien is dit één van de redenen dat Jos nog zo sterk is op zijn leeftijd?
Jos vertelde vervolgens hoe hij op de ladder klom als praeses van KVHV-Leuven en Senior Seniorum van het S.K.. Samen met Jef Dauwe zijn zij de enigen die zowel het schild van het Verbond als het schild van het S.K. op hun lint mogen dragen.
In een tijd waar Verbondsraden nog werden bijgewoond door duizend studenten was er onder hen één consensus: Wanneer Jos Mees gesproken had, moest niemand nog rechtstaan omdat alles reeds gezegd was. Onder zijn tijd deed Jos het ledenaantal van het KVHV stijgen tot wel duizend studenten. Dit deed hij door van kroeg naar kroeg te gaan, zich aan de inkom te zetten en met zijn overtuigingskracht menig student overhaalde een lidkaart te kopen van het Vlaams Verbond.
Als Senior seniorum was Jos zijn eerste werk om de clubs opnieuw de gestelde voorschriften uit de blauwe bladzijden te doen volgen. Zo ging hij naar elke clubavond en zorgde hij ervoor dat steeds om 1 uur de Oude Roldersklacht werd ingezet. Indien de studenten nog verder wilden feesten, moest dit gebeuren tijdens de rolling achteraf want de clubavond moest hoe dan ook eindigen. Ook leverde Jos als Senior seniorum belangrijke bijdragen aan de eerste studentencodices. Zo stond er op elke beginbladzijde de spreuk: “Amicitia et fides inter utrumque”. Vriendschap en geloof, twee zaken waar Jos tot op heden nog zwaar de nadruk op legt.
Een Senior seniorum die nooit dronken was, quasi enkel melk nuttigde en de clubavonden op een respectvolle manier kwam afsluiten, zo’n figuur zou bij ons gedoemd zijn om zware tegenstroom te krijgen vanuit de hogere studentenrangen, zo ook Jos Mees.
Positief, actief, optimistisch
Een zeer prominente eigenschap van Jos Mees is zijn geloof in Jezus Christus. Hierdoor heeft de man een ziel vol liefde, geloof en vertrouwen. Hoge bomen vangen veel wind en dat was zeker ook het geval voor Jos in zijn studentencarrière. Iemand die zulke veranderingen meebrengt en zo de nadruk legt op plichtbewustheid en wederzijds respect is gedoemd om in een milieu waar vadsigheid toen ruim aanwezig was, tegenwind te krijgen. Jos vertelde over velen die hem stokken in de wielen wilden steken, zijn werking als senior wilde dwarsbomen en er alles aan deden om hun wil, en niet die van de praeses, te doen geschiedden. Jos lachte wanneer hij hierover vertelde en zei mij:
“Die mannen die tegen mij waren, om welke reden dan ook, deden niet anders dan mij te proberen vangen op mijn woorden of mijn gedrag. Maar die kans kregen ze niet, om de simpele reden dat ik ook hen behandelde als mijn vrienden. De vetes die ze tegen mij wilden stellen, zakten in elkaar omdat ik steeds antwoordde met een vriendelijke lach.”
Positief, actief en optimistisch, zo staat Jos Mees in het leven. PAO, zo noemt hij zijn “levensverzekering”. Hij gelooft dat iedereen die zo leeft, mits de nodige gezondheidszegeningen, minstens 100 jaar wordt. Jos bezit talloze PAO-pamfletten: Kleine groene boekjes waarin zijn filosofie beschreven staat en die hij gratis uitdeelt als levensverzekering. Net zoals zijn vader, moet voor Jos de naastenliefde het centrum zijn van de menselijke beschaving. Met deze reden, is hij al heel zijn leven aanhanger en prominent partijlid van de Christendemocraten, voor hem is dit de enige partij die uitdrukkelijk opkomt voor de naastenliefde.
Deze ingesteldheid bezorgde Jos een legendarische studentencarrière in Leuven waarin hij slaagde in zijn opzet. Voor velen zijn hun studentenjaren de mooiste jaren van hun leven en de jaren vanaf wanneer het leven enkel nog maar bergaf kan gaan. Maar niet voor Jos, hij nam zijn leven met beide handen vast.
Van Leuven naar heel Vlaanderen, en daar voorbij
Jos had zichzelf zeer populair gemaakt bij de Leuvense studenten en werd na zijn studentikoze jaren verantwoordelijke voor allerlei reünie-evenementen voor oud-studenten. Zo schreef hij zelf, met de hand, duizenden uitnodigingen om op deze evenementen aanwezig te zijn. Uiteraard waren er op deze reünies plaatsen te kort voor iedereen en zij die net te laat waren met hun inschrijvingen, dachten Jos te overtuigen om een uitzondering te maken. Jos, die de rechtvaardigheid ook toen hoog in het vaandel droeg, stelde iedereen gelijk voor de wet. Zo was er volgens hem geen oneerlijke behandeling mogelijk.
Een figuur als hemzelf belandt natuurlijker wijze ook de politiek in. Zoals eerder aangehaald, is Jos tot op vandaag nog steeds een fervente aanhanger van de Christendemocraten. “De enige partij die pleit voor de naastenliefde”, aldus Jos Mees. Met deze ingesteldheid ging Jos naar de IJzerbedevaart om de gesneuvelde, Vlaamse soldaten te herdenken. Zijn vader was akkoord dat hij naar zulke evenementen ging, maar enkel indien de bedevaart een echte bedevaart bleef, los van elke vorm van partijpolitiek, ook die van de toenmalige CVP. Jos gebruikte zijn aanstekelijke vriendelijkheid en verworven populariteit om bussen met honderden bedevaarders tot aan de IJzerbedevaart te brengen.
Ook sprak Jos zich tijdens ons gesprek uit over zijn standpunt tijdens de toenmalige amnestiekwestie. Een kwestie waar velen van onze lezers een gevestigd standpunt in zullen kennen, daar het zo’n belangrijk onderdeel is van de Vlaamse Beweging. Jos ging akkoord met de vraag om amnestie voor zij die op vredig niveau met de Duitsers samenwerkten tijdens de bezetting en zo Vlaanderen leefbaar hielden voor zichzelf en hun families. Echter spreekt Jos zich uit tegen de “totale amnestie”. Als praktiserend christen, is Jos tegen elke vorm van geweld. Hij gaat niet akkoord dat Oostfronters die, naar zijn mening, bewust het geweld gingen opzoeken diezelfde behandeling verdienden als louter economische collaborateurs. Hoewel velen van ons hier een misschien een ander standpunt zouden innemen, kon ik niet anders dan tot nadenken worden aangezet door een man in wiens woorden en ogen het vuur van de rechtvaardigheid en naastenliefde brandt.
Naast zijn reünie-evenementen, de IJzerbedevaart en nog zoveel meer gebeurtenissen, ligt Jos aan de basis van de “Dag van de Vriendschap”. Een initiatief dat hij op de been zette om eenzamen, ouderen, zieken en minderbedeelden een feestelijke dag te bezorgen. Het evenement vond plaats in Antwerpen en bracht in zijn hoogdagen tot wel 10.000 mensen op de been.
De avond viel, maar niet over Jos Mees
Om gans Jos zijn indrukwekkende loopbaan te bespreken, volstaat enkel het schrijven van een boek of het maken van een film. Eén ding is zeker, Jos zal nooit “op pensioen” gaan van zijn geëngageerdheid ten opzichte van zijn medemens. Jos zijn naastenliefde, het voorbeeld van zijn vader en de PAO-levensverzekering maken van hem vandaag een bekend en geliefd figuur in zijn thuisbasis in Niel.
Om onze ontmoeting af te sluiten had Jos plaatsen voor ons allemaal gereserveerd bij “Het Kasteeltje”. Toen we buitengingen, liet hij mij het aandenken zien aan zijn vader Walter. Een gouden gedenkplaat, ingehuldigd door de burgemeester. Zo kan heel Niel het zich herinneren, hoe hier een dokter leefde in dienst van zijn medemens.
Ik kreeg de eer om alleen met Jos in de auto te mogen zitten op weg naar het restaurant. Daar vertelde hij mij nog vele verhalen over zichzelf, die hij toevertrouwde aan de nieuwe generatie studenten. Ook vroeg hij mij om een stand van zaken van het huidig Verbond en na mijn uitleg antwoordde hij mij met een voldane glimlach, een diepe zucht en de woorden “Dat is goed, dat is heel goed.” Eenmaal bij het restaurant, ontmoette ik zijn zoon. Hij was verantwoordelijk voor de heroprichting van de Leuvense studentenfanfare toen deze met uitsterven bedreigd was. Terwijl zijn zoon mij nog een hoop exemplaren van oude Ons Levens liet zien, en tijdens de traktatie van een rijkelijke maaltijd, haalde Jos zijn PAO-pamfletten uit zijn zak. Deze deelde hij uit aan de serveersters en garandeerde hen dat wie zo leefde, 100 jaar zou worden. Onze pro-senior is duidelijk de charmes uit zijn studententijd nog niet verloren. Na het eten, en nog een gesprek in de auto, bracht ik hem thuis bij zijn vrouw. Hij gaf mij een kruisje op mijn voorhoofd en stuurde mijn op weg voor komende avonturen met het KVHV.
Waarde Jos, het was me een waar genoegen om met u deze namiddag en avond te spenderen. U bent werkelijk een voorbeeld voor allen die een verschil willen maken in deze wereld en ook voor zij die misschien niet per se weten wat ze van dit leven willen maken. Ik dank u, uit de grond van mijn hart, voor alles wat u voor het Leuvense studentenleven gedaan hebt en ik wens u nog vele, mooie en vruchtvolle jaren toe daar in Niel.
Meer lezen? Abonneer je nu op Ons Leven!